Hoe buitenaards leven eruit ziet, hangt nogal af van het jaar waarin je leeft


Het is niet vaak dat een video zowel onder Animatie als Documentaire staat. De Disney-verfilming van John Carter’s Mars and Beyond! doet dat. Het is een documentaire van ruim drie kwartier, en vrijwel van het begin tot het einde getekend.

Er zijn gefilmde scènes en het is verrassend hoe soepel die in de tekenfilmwereld passen.

Voor de haastigen: de eerste zes minuten kun je missen. Dan barst de wilde fantasie van Disney-animator Ward Kimball los. Vervolgens dansen en springen er bijna een kwartier lang vreemde beesten over het scherm. Vanaf een minuut of twintig wordt het weer serieuzer en, hoewel niet minder mooi, wel minder grappig.

Een tweede serie wilde speculaties van hoe leven op mars eruit zou kunnen zien begint rond 35 minuten. Vaak gebaseerd op niets, soms op bijna niets. Zoals bij het vliegende beest op 36 minuten, en de fantastische wijze waarop dat aan zijn einde komt.

Advertenties

Bezoek aan Disneyland 1957


Het is niet helemaal duidelijk of dit materiaal is van Disney zelf of van een particulier – zo te zien het laatste. Maar het ziet er schitterend uit, al is er geen geluid bij. Pas gepubliceerd op het kanaal DisneyHistory. Opvallend hoe relatief stil het was. Technische informatie op disneyhistoryinstitute.com. (4:25)

Een computeranimatie uit de tijd dat er nog geen computers waren


Het is bepaald geen Pixar, maar dat maakt de computeranimaties van John Witney des te fascinender om naar te kijken. De beelden zijn niet gemaakt met een PC zoals we die nu kennen. Zoiets bestond er eenvoudig nog niet in 1961. In plaats daarvan gebruikte Whitney een analoge computer, die geen monitor heeft, maar zijn beelden weergeeft op een osciloscoop. Hij legt het zelf veel beter uit, zie daarvoor de tweede video. Maar kijk eerst naar de demo-animatie met de titel Catalogue.


Nee meneer, dan vroeger: toen had je sneeuw!


Een klein beetje sneeuw en we zijn helemaal ontregeld. En vooral treinen en sneeuw blijft een bijzondere combinatie. In Engeland is er een aantal jaren geleden zelfs een boek over uitgebracht: The Wrong Kind of Snow, naar een uitspraak van een woordvoerder van de Britse spoorwegen die moest rechtpraten dat de spoorwegen wél voorbereid waren op de winter, terwijl ze toch volledig door de sneeuw overvallen leken. Helaas viel die winter het verkeerde soort sneeuw.

Nee, dan 1963. Toen doorkliefden de treinen het barre winterweer nog zonder problemen…

Een film uit het archief van het British Film Institute (BFI), van Geoffrey Jones. Prachtige beelden, verrassend snel gemonteerd.

Met de tram in Barcelona, 1908


Bewegende zwartwit-beelden in prima kwaliteit van een stad zonder auto’s maar met fietsen en paarden. Wie Barcelona een beetje kent kan proberen lokaties te herkennen. De maker van de film heeft behulpzaam straatnamen op titels gezet: Paseo de Gracia, Calle Salmeron, Plaza Lesseps. Heerlijk meerijden. (7:14)

Fahrenheit 451


Nog voor de eerste scène begint is er al iets vreemds aan de hand met deze film uit 1966. Geen titelrol, maar beelden van tv-antennes. Geen beeldvullende letters met de filmtitel. Niet de namen van de acteurs, niet van de regisseur. In plaats daarvan wordt al die tekst voorgelezen. Beter had het niet gekund. Als de film dan echt begint, is daar meteen de filmmuziek van Bernard Hermann (da’s die van de Psycho-violen). En we zien hoe François Truffaut voor het eerst in kleur filmt: een beetje overdreven, zoals filmmakers van nu het moeilijk lijken te vinden om zich in te houden met 3D.

Net zoals het geen toeval is dat de titelrol wordt voorgelezen, zijn ook die tv-antennes aan het begin geen toeval. Fahrenheit 451 gaat over de verderfelijke invloed van tv. Het is niet moeilijk om te denken dat het om censuur gaat. Maar dat is niet zo, zegt de schrijver Ray Bradbury er zelf over. En zo serieus en dreigend als de film vaak is, zo grappig en inspirerend is Bradbury zelf in het interview dat eronder staat.

The Trial (1962)


Het boek Het Proces van Franz Kafka, in 1962 verfilmd door Orson Welles. In de eerste minuten horen we Welles zelf een verhaal vertellen (een reden op zich om te kijken!) en dan barst al snel de bizarre situatie in zijn volle omvang los.

Met onder andere Anthony Perkins en Jeanne Moreau.